Blog 8 – Er stroomt van alles met je mee

“Net als het water in de rivier

Stromen we samen naar daar vanaf hier

Vanaf de gletsjer tot aan de zee

Stroomt er van alles met je mee

Stroomt er van alles met je mee

En da’s oké”

Stephanie Struijk ~ De Rivier

 

Ik kende deze zangeres of het liedje niet, maar kwam dit stukje tekst onlangs tegen in de krant. Het deed me denken aan het gevoel dat ik heb bij het leven.

Rivieren beginnen vanuit hun ontstaansbron als een smal stroompje. Hoe verder ze op hun route komen, hoe groter ze worden. Je zou dat kunnen vergelijken met onze geboorte en kindertijd. Van een klein en kwetsbaar mensje ontwikkelen we naar steeds wat meer kunnen, weten, doen en voelen.

Rivieren hebben stukken waarop ze heel rustig en vriendelijk kabbelend voortgaan. Dat zijn de delen in ons leven waarbij we niet echt in de gaten hebben wat er gebeurt, we in een sleur of herhalende patronen terecht zijn gekomen of niet heel actief deelnemen aan ons eigen leven. Op die momenten drijven we maar een beetje mee zonder bewust te zijn. Zo’n rustig gedeelte kan ook een welkome pauze zijn na een heftige periode.

Die heftige perioden zie je eveneens terug in de rivier. Op sommige delen komt het water in een stroomversnelling of stort vanaf een waterval naar een lager gelegen gedeelte. Deze perioden kun je naar je eigen leven vertalen als situaties waarbij je de controle kwijtraakt, verdriet of pijn ervaart, als iets waar je doorheen moet voordat je letterlijk en figuurlijk weer in rustiger vaarwater terecht komt.

Al die tijd dat je vanuit je bron verder stroomt, pik je van alles op en neem je dus een keur aan ervaringen met je mee. Je wordt tijdens het meanderen beïnvloed door wat je op jouw weg tegenkomt. Afhankelijk van welke obstakels je op je pad vindt en hoe je er mee omgaat, zul je jouw rivier als een kabbelende beek, een sterke stroming of misschien een kolkende, overweldigende massa ervaren.

Wanneer je jezelf kan laten meevoeren door de stroom, ongeacht de kracht ervan, dan zul je het leven beter aan kunnen. Geen weerstand bieden, maar accepteren wat er voor je in het verschiet ligt en daar het beste van maken.

De meeste mensen kunnen dat niet in iedere situatie en dat is heel logisch. Meestal raken we overspoeld door emoties en gedachten, we dreigen soms kopje onder te gaan in ons verdriet. Of we razen als die enorme watervallen, omdat we onze frustratie kwijt moeten. En dan…

Onderaan de waterval is er eigenlijk altijd weer een rustiger stuk. Een poel of een meertje waar je weer even op adem kan komen. Regenbogen in het opspattende water. Tijd om de rust en schoonheid weer te ervaren. Op te laden voor wat er nog komen gaat.

En da’s oké…

Blog 7 – Grenzen verleggen kan op verschillende manieren

Het woord grenzen kent verschillende betekenissen. De afgelopen tijd is er ook veel te doen over grensoverschrijdend gedrag. De meest schrijnende manier van grensverleggend bezig zijn is momenteel natuurlijk de situatie in Oekraïne. Daarover wordt al op heel veel plekken gesproken en geschreven, daar ga ik niet nog een schepje bovenop doen.

 

De grenzen die ik bedoel zijn je eigen grenzen.

 

De reden voor dit onderwerp is het thema van de aankomende Autismeweek “Grenzen”. De Autismeweek is elk jaar in de week van 2 april (wereld autisme dag), dit jaar van zaterdag 2 tot en met zaterdag 9 april.

 

Waar trek je jouw grens? 

 

Je kunt eigenlijk nooit consequent één grens trekken, want het hangt van diverse factoren af wat je aan kunt;

Ben je in een vertrouwde omgeving, voel je jezelf goed, ben je met mensen die je kent, kon je je op de situatie voorbereiden, etc. 

Of weet je nog niet waar jouw grens ongeveer ligt, omdat je in een nieuwe situatie terecht komt en je nog moet ontdekken wat je daarmee aan moet.

 

Het hele leven is een organische beweging van situaties doormaken en daar jouw eigen weg in vinden. Situaties die fijn zijn, maar ook pijnlijke gebeurtenissen of verdrietige omstandigheden. Daarin je eigen grenzen, kwaliteiten en valkuilen ontdekken. Als je goed in je vel zit, dan kunnen jouw grenzen opeen ander plek liggen dan wanneer je je niet zo happy voelt. Dus zijn grenzen geen vaste lijnen waarbinnen we altijd functioneren.

 

Voor de meeste neurotypische mensen is dat over het algemeen een natuurlijk, gevoelsmatig proces, waar je niet eens echt over na hoeft te denken. Je beslist ineen fractie van een seconde wat je in een situatie doet en kunt. Meestal klopt dat ook.

 

Voor mensen die overprikkeld zijn, zoals bij autisme, en zeker als je met burn-out klachten te maken hebt, gaat dit veel minder vanzelf. Eerst wordt een situatie geobserveerd, dan wordt in de “scriptbibliotheek van het geheugen” gekeken of het een bekende situatie is om een passend script in te kunnen zetten, vervolgens vindt er een soort kansberekening plaats en als die stappen niets bruikbaars opleveren, dan moet er ter plekke een nieuw script worden “geschreven”. Mensen met autisme hebben ook een langere verwerkingstijd nodig, voordat ze een reactie kunnen geven. In acute situaties kan zoiets best lastig (of zelfs gevaarlijk) zijn, omdat het kan leiden tot een meltdown en andere bijkomende gevolgen.

 

Het is voor autisten vaak moeilijk te weten welke grenzen algemeen geaccepteerd zijn. Om eigen grenzen te kennen is een ingewikkelde puzzel, omdat er meestal geen 2 situaties exact hetzelfde verlopen. Dat betekent een steeds groter wordende “scriptbibliotheek”. Daarnaast verwachten mensen dat je ook rekening houdt met hun grenzen. Wat behoorlijk moeilijk wordt als je al niet eens weet hoe dat voor jezelf werkt. Daardoor is je hoofd continue aan het scannen naar de best passende aanpak.

 

Dat je grenzen ook díchterbij mag verleggen, is iets wat ik me eigenlijk pas recent realiseerde. Op sommige fronten weet ik vrij goed waar mijn grens ligt, maar in de meeste gevallen heb ik toch de grenzen steeds wat verder opgerekt. Of hielden anderen er geen rekening mee, maar lukte het me niet om dat te benoemen. Misschien herken je dat wel…

 

Rekening willen houden met anderen, willen voldoen aan wat er van je gevraagd wordt, geen nee durven zeggen. Of niet durven zeggen dat je iets nog nooit gedaan hebt, want dan krijg je die opdracht misschien niet. Met iemand moeten samenwerken die totaal geen oog heeft voor jouw behoeften. Die ene baan zo graag willen behouden, dat je tijdens je proeftijd overal in mee gaat. Je plotseling realiseren dat het werk dat collega’s zouden doen ineens weer op jouw bordje terecht is gekomen. Druk ervaren door deadlines. Noem maar op.

Dit zijn allemaal voorbeelden van je grenzen zover oprekken, totdat het elastiekje knapt.

 

Ik vind het nu een mooie uitdaging om te ontdekken welke grenzen ik zelf dichterbij wil leggen, om zo beter voor mezelf te zorgen. Maar ik wil ook dingen doen waar ik energie van krijg, zoals yogalessen geven. Een volgende stap is dan om te voelen wat een logisch vervolg is om ook op andere fronten mijn grenzen duidelijker te krijgen.

 

Net zoals dat ik dat in mijn bedrijf doe voor mijn klanten, zo zoek ik voor mezelf ook de juiste ondersteuning en passende uitdagingen voor een volgende stap.

 

Grenzen verkennen en verleggen, verder weg óf juist dichterbij.